Wat zijn de Veerkrachtkaarten?
Corporaties werken al geruime tijd met de Veerkrachtkaarten. Deze kaarten brengen de samenhang in beeld tussen enerzijds overlast/onveiligheid en anderzijds de aanwezigheid en ontwikkeling van kwetsbare huishoudens per gebied. Voor corporaties is dit een relevant onderdeel van leefbaarheid, waarop zij direct invloed kunnen uitoefenen, bijvoorbeeld via beheer of toewijzing. De Veerkrachtkaarten helpen risico’s te signaleren en hierover in gesprek te gaan.
Wat is de verdieping leefbaarheid in de Aedes-benchmark?
Het doel van het indelen van Nederland in de 11 gebiedstypen is dat corporaties zich onderling kunnen vergelijken. Dat staat los van de Veerkrachtkaarten.
De toepassing van de Leefbaarometer in de verdieping leefbaarheid heeft wel raakvlakken met de Veerkrachtkaarten. Dit instrument beoordeelt leefbaarheid aan de hand van 5 dimensies:
- Overlast/onveiligheid (ook opgenomen in de Veerkrachtkaarten)
- Sociale samenhang
- Fysieke omgeving
- Woningvoorraad
- Voorzieningen
Hierdoor krijgen corporaties een integrale kijk op de leefbaarheid rond hun wooncomplexen.
De belangrijkste verschillen
Waar de Veerkrachtkaart zich vooral richt op de druk op buurten door kwetsbare huishoudens, geeft de Leefbaarometer inzicht in de kwaliteit van de woonomgeving. Inclusief de sterke en zwakke punten per gebied.
De verdieping leefbaarheid in de benchmark biedt daarmee een bredere blik en verrijkt het handelingsperspectief voor corporaties. Het kan richting geven aan de inzet op meerdere fronten binnen het leefbaarheidsthema.
Hoe gebruik je beide instrumenten?
De Leefbaarometer is een signalerings- en monitoringsinstrument. Het geeft aan waar het goed of minder goed lijkt te gaan en biedt handvatten voor de richting waarin maatregelen gezocht kunnen worden. De Veerkrachtkaart zoomt in op de samenhang tussen kwetsbare huishoudens en overlast/onveiligheid, en helpt corporaties om gericht te handelen waar hun invloed het grootst is.
De verdieping leefbaarheid in de Aedes-benchmark en de Veerkrachtkaarten vullen elkaar aan. Samen bieden ze corporaties een breed én verdiepend inzicht in leefbaarheid, waarmee ze gericht kunnen sturen op verbetering van de woonomgeving voor hun huurders.