Overslaan en naar de inhoud gaan Skip naar footer Skip naar zoeken Skip naar menu

7 vragen over het Individueel Keuze Budget

Veelgestelde vragen
Welke arbeidsvoorwaarden kunnen tegen elkaar worden uitgeruild?

De arbeidsvoorwaarden waarvan de werknemer geheel of gedeeltelijk afziet door deze als inzet te gebruiken in het Individueel Keuze Budget, worden bronnen genoemd. De door CAO-partijen vastgestelde bronnen zijn de bovenwettelijke vakantie-uren, vakantietoeslag, vergoeding voor werk buiten de normale werktijden, salaris, bereikbaarheidsdienstvergoeding, de jubileumgratificatie en de eindejaarsuitkering.
De arbeidsvoorwaarden die een werknemer kan krijgen of uitbreiden, worden in het Individueel Keuze Budget doelen genoemd. De doelen zijn vakantie-uren, levensloop, geld en vakbondscontributie. Aan de genoemde bronnen en doelen kan de werkgever na overleg met de ondernemingsraad nog de bedrijfseigen regelingen toevoegen.

Welke rol speelt de ondernemingsraad bij het Individueel Keuze Budget?

De bepaling van het moment van de keuzeronde, de keuzeperiode en de peildatum waarop de uurwaarde van de bronnen en doelen wordt vastgesteld, vindt plaats na overleg tussen de werkgever en de ondernemingsraad. Gebruikelijk is een keuzeronde in de maand november, een keuzeperiode gelijk aan een kalenderjaar en een peildatum van 1 januari. In verband met de werkkostenregeling en met name het bepalen van de vrije ruimte in een jaar, is het prettig om de keuzeronde eerder in het jaar te laten plaatsvinden.

Ten slotte stelt de werkgever pas na overleg met de ondernemingsraad vast of en zo ja welke bedrijfseigen regelingen als bron en/of als doel worden opgenomen in het Individueel Keuze Budget. De term 'na overleg' betekent dat de werkgever en de ondernemingsraad over het onderwerp overleg dienen te voeren, maar dat de werkgever hierbij de beslissende stem heeft.

Heeft deelname aan het Individueel Keuze Budget consequenties voor de pensioengrondslag?

In Individueel Keuze Budget geldt een fiscale regel (besluit van 22 februari 2002, nr. CPP2001/3047M) die bepaalt dat als een medewerker niet meer dan 30% van zijn salaris inzet ter besteding aan een bepaald doel, de pensioengrondslag gelijk blijft. Het pensioen wordt dan dus berekend over het oorspronkelijk pensioengevend loon van vóór de keuzes zoals die gemaakt zijn in het Individueel Keuze Budget. Zo lang een medewerker binnen die 30% blijft, heeft deelname aan het Individueel Keuze Budget dus géén consequenties voor de pensioengrondslag.

Moeten de extra verkregen vakantie-uren in de keuzeperiode worden opgenomen?

Nee, deze vakantie-uren worden op opgeteld bij het vakantiesaldo van de werknemer en verjaren pas na verloop van 5 jaar na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is ontstaan. De werknemer dient het moment van opnemen van deze vakantie-uren te zijner tijd echter wel met zijn leidinggevende te overleggen. Op grond van gewichtig bedrijfs- of dienstbelang kan de werkgever zich verzetten tegen het moment van opnemen van deze vakantie-uren.

Hoe kunnen bedrijfseigen regelingen worden toegevoegd aan het Individueel Keuze Budget?

De werkgever kan na overleg met de ondernemingsraad bedrijfseigen regelingen toevoegen aan het Individueel Keuze Budget. De werkgever heeft hierbij een beslissende stem. Er kan gedacht worden aan diverse bedrijfseigen regelingen, zoals een bedrijfs-fitnessregeling, een studiefaciliteitenregeling of een verlofregeling voor lokale feestdagen.

Heeft gebruikmaken van het Individueel Keuze Budget consequenties voor de hoogte van de vakantietoeslag?

Gebruikmaken van het Individueel Keuze Budget kan voor de werknemer consequenties hebben op bijvoorbeeld fiscaal gebied, voor de sociale verzekeringen en het pensioen. Deze consequenties zijn voor rekening van de werknemer en worden niet door de werkgever gecompenseerd. Enige uitzondering hierop is de consequentie voor de vakantietoeslag.

Als een werknemer een deel van zijn salaris inzet in het Individueel Keuze Budget, zou hierdoor in principe de vakantietoeslag worden verlaagd. Deze consequentie wordt door artikel 9.7 CAO Woondiensten gecompenseerd. Dit gebeurt door de waarde van de eigenlijke verlaging van de vakantietoeslag op te tellen bij de bron salaris. Een werknemer kan hierdoor dus iets meer salaris inzetten als bron, omdat het bedrag wordt verhoogd met 8% ter compensatie van de waardeverlaging van de vakantietoeslag.

Een voorbeeld ter verduidelijking:
Stel een medewerker heeft € 100 salaris. De vakantietoeslag (8%) is dan € 8. Als deze medewerker besluit om bijvoorbeeld € 20 van zijn salaris in te zetten als bron in het Individueel Keuze Budget, wordt de vakantietoeslag: 8% van € 80 is € 6,40. Dit is (€ 8 minus € 6,40) € 1,60 lager dan zijn oorspronkelijke vakantietoeslag. Deze € 1,60 wordt daarom opgeteld bij de bron van € 20. In totaal kan de medewerker in dit voorbeeld dus € 21,60 inzetten als bron in het Individueel Keuze Budget.

Kunnen de leeftijduren worden ingezet in het Individueel Keuze Budget?

Ja, de extra bovenwettelijke uren die een werknemer op grond van zijn leeftijd conform artikel 7.2 CAO Woondiensten krijgt, kunnen als bron worden ingezet in het Individueel Keuze Budget. Het zijn namelijk bovenwettelijke vakantie-uren die de werknemer in de keuzeperiode zal verkrijgen.

Lees meer over